1. Home
  2. / Blog
  3. / WZD
  4. / WZD-stappenplan: van risico-inventarisatie tot evaluatie

WZD-stappenplan: van risico-inventarisatie tot evaluatie

Dossier360
27 Feb 2026
7 min leestijd
WZD Stappenplan

Het WZD-stappenplan schrijft een zorgvuldig proces voor bij onvrijwillige zorg. Maar hoe doorloopt u dat traject in de praktijk? Een overzicht van stap 0 tot en met stap 5, met aandachtspunten per fase.

Een cliënt met dementie loopt herhaaldelijk weg uit de woongroep en raakt gedesoriënteerd in de wijk. Het team overweegt een bewegingssensor bij de voordeur een vorm van toezichthoudende domotica zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 van de Wet zorg en dwang. Maar mag dat zomaar? En welke stappen moet u doorlopen voordat die sensor er komt?

Het WZD-stappenplan geeft het antwoord, maar de praktische uitvoering blijkt voor veel organisaties weerbarstiger dan de wet op papier doet vermoeden.

Waarom een stappenplan

De Wet zorg en dwang beschermt cliënten in de gehandicaptenzorg en psychogeriatrie tegen onvrijwillige zorg. Het uitgangspunt is helder: onvrijwillige zorg mag alleen als uiterste middel, wanneer er sprake is van ernstig nadeel en er geen alternatieven meer zijn.

Daarbij is het begrip verzet essentieel. Of zorg als onvrijwillig geldt, hangt af van de vraag of de cliënt zich ertegen verzet ook als dat verzet non-verbaal is. Een cliënt die bij de bewegingssensor steeds angstig reageert op het alarm, kan daarmee verzet uiten. Andersom: als een wilsbekwame cliënt instemt met de sensor, is er geen sprake van onvrijwillige zorg en hoeft het stappenplan niet te worden doorlopen.

Om zorgvuldig handelen te borgen, schrijft de wet een gefaseerd besluitvormingsproces voor. Geen eenmalig besluit, maar een traject van afwegen, overleggen en evalueren. De zorgverantwoordelijke de arts of gedragsdeskundige die eindverantwoordelijk is voor het zorginhoudelijke besluit speelt hierin een centrale rol. Zonder zorgverantwoordelijke geen rechtsgeldig WZD-traject.

In ons artikel over WZD-documentatie bespraken we wat er in het dossier moet staan. In dit artikel richten we ons op het proces: hoe doorloopt u het stappenplan in de dagelijkse praktijk? We volgen daarbij de casus van de bewegingssensor stap voor stap.

Stap 0: de risico-inventarisatie

Elk WZD-traject begint bij stap nul. Dat is geen formaliteit, maar een inhoudelijke stap. U brengt in kaart welke risico's er zijn voor de cliënt of diens omgeving. Daarbij kijkt u niet alleen naar het directe risico — in ons voorbeeld de desoriëntatie en het weglopen maar ook naar de context. Hoe ernstig is het nadeel? De cliënt is meermaals aangetroffen op een drukke weg. Hoe vaak doet de situatie zich voor? Gemiddeld twee keer per week. Wat is de impact op de kwaliteit van leven?

Minstens zo belangrijk is het inventariseren en documenteren van alternatieven. De wet vraagt nadrukkelijk dat u eerst vrijwillige alternatieven overweegt en vastlegt welke alternatieven zijn geprobeerd en waarom ze onvoldoende werkten. In ons voorbeeld: is geprobeerd om het dagprogramma aan te passen zodat de cliënt meer beweging krijgt? Is extra begeleiding ingezet tijdens de momenten dat de cliënt onrustig wordt? Is de woonomgeving aangepast, bijvoorbeeld met duidelijkere oriëntatiepunten? Zijn naasten betrokken bij de begeleiding? Pas wanneer deze alternatieven aantoonbaar onvoldoende werken of niet haalbaar zijn, komt onvrijwillige zorg in beeld.

In deze fase betrekt u ook de cliënt en diens vertegenwoordiger actief bij de besluitvorming. Dat gaat verder dan informeren: u legt uit welke risico's u ziet, welke alternatieven zijn overwogen en waarom onvrijwillige zorg noodzakelijk kan zijn, en u vraagt naar hun visie. Wat vindt de cliënt er zelf van? Wat vindt de vertegenwoordiger? Is er sprake van verzet? Die inbreng en eventueel verzet worden vastgelegd in het dossier. Dat is niet alleen wettelijk verplicht, het is ook een kwestie van respect.

Stap 1: het eerste MDO

Bij stap één komt het multidisciplinair overleg (MDO) voor het eerst formeel bijeen over de onvrijwillige zorg. Het MDO beoordeelt de noodzaak en beslist of de maatregel wordt ingezet. Belangrijk: dit is geen vergadering voor de vorm. Het MDO moet een inhoudelijke afweging maken en die vastleggen. Wie waren aanwezig? Welke deskundigheid was vertegenwoordigd? Wat waren de argumenten voor en tegen?

In ons voorbeeld bespreekt het MDO de bewegingssensor. Is dit de lichtst mogelijke maatregel? Ja een sensor is minder vergaand dan een afgesloten deur of camerabewaking. Hoelang wordt de sensor ingezet? Het MDO besluit tot een initiële periode van drie maanden. Dat is het proportionaliteitsbeginsel van de WZD: zo licht mogelijk, zo kort mogelijk.

De maatregel wordt opgenomen in het zorgplan van de cliënt. Dat is een wettelijke eis die losstaat van de MDO-verslaglegging: het zorgplan beschrijft welke onvrijwillige zorg wordt toegepast, met welk doel, voor welke duur, en onder welke voorwaarden. Veel organisaties gebruiken het zorginhoudelijk overleg in hun dossier om de MDO-overwegingen gestructureerd vast te leggen. Het MDO legt ook vast wanneer de eerste evaluatie plaatsvindt.

Stap 2: evaluatie en voortzetting

Na de in het MDO vastgestelde termijn volgt de evaluatie. Het team bekijkt of de maatregel nog noodzakelijk is, of de situatie is veranderd en of er inmiddels alternatieven mogelijk zijn.

Terug naar onze casus: de bewegingssensor heeft het weglopen verminderd, maar de cliënt reageert soms geagiteerd op het alarm. Is de sensor nog proportioneel? Zijn er aanpassingen mogelijk bijvoorbeeld een stiller signaal dat alleen het team bereikt? Of is het gedrag zodanig veranderd dat de sensor overbodig is geworden?

Dit is het moment om kritisch te kijken: zijn we gewend geraakt aan de maatregel, of is die werkelijk nog nodig? Als de onvrijwillige zorg wordt voortgezet, legt u opnieuw de overwegingen vast. Waarom is er nog steeds sprake van ernstig nadeel? Waarom werken de alternatieven niet? Die onderbouwing wordt belangrijker naarmate het traject langer duurt. De evaluatie en het besluit worden vastgelegd in het dossier en verwerkt in het zorgplan.

Stap 3: de externe deskundige

Wordt de onvrijwillige zorg na stap twee opnieuw voortgezet, dan schrijft de wet voor dat een externe deskundige wordt betrokken. Deze deskundige is niet werkzaam bij uw organisatie en brengt een onafhankelijk oordeel.

In ons voorbeeld beoordeelt de externe deskundige het volledige traject rond de bewegingssensor. Zijn de alternatieven daadwerkelijk uitputtend geprobeerd? Is de sensor nog steeds de lichtst mogelijke maatregel? Klopt de onderbouwing van het ernstig nadeel? Dat kan confronterend zijn, maar het is een bewuste keuze van de wetgever. Langdurige onvrijwillige zorg vereist extra waarborgen.

De externe deskundige beoordeelt of het stappenplan correct is doorlopen, of de afwegingen deugdelijk zijn en of er alternatieven over het hoofd zijn gezien. Het advies wordt onderdeel van het dossier.

Stap 4 en 5: verdere escalatie

Bij stap vier wordt een nog niet eerder betrokken deskundige ingeschakeld en bij stap vijf de Wzd-functionaris. In de praktijk komen stap vier en vijf minder vaak voor als het goed is, omdat eerdere stappen tot het afbouwen of aanpassen van de maatregel hebben geleid. Maar ze bestaan met een reden: ze vormen het vangnet voor situaties waarin onvrijwillige zorg langdurig voortduurt en extra toezicht noodzakelijk is.

Termijnen bewaken

Bij elke stap gelden strikte wettelijke termijnen. De eerste evaluatie na het MDO-besluit vindt uiterlijk na drie maanden plaats. Bij voortzetting wordt opnieuw binnen drie maanden geëvalueerd, nu met betrokkenheid van de externe deskundige. Een gemiste evaluatietermijn betekent dat u niet langer in overeenstemming handelt met de wet.

In de dagelijkse drukte van de zorgpraktijk sneeuwen deze deadlines gemakkelijk onder. Automatische termijnbewaking, zoals die in de WZD-module is ingebouwd, voorkomt dat een evaluatiemoment ongemerkt voorbijgaat.

Waar het in de praktijk misgaat

De meest voorkomende valkuilen zijn niet spectaculair, maar ze komen wel overal voor. Organisaties vergeten alternatieven vast te leggen bij stap nul ze zijn wel overwogen, maar niet gedocumenteerd. Het MDO noteert wel het besluit, maar niet de overwegingen die eraan ten grondslag lagen. De evaluatie vindt te laat plaats omdat er geen systematische bewaking is. De inbreng van de cliënt of vertegenwoordiger wordt mondeling opgehaald maar niet in het dossier vastgelegd. Verzet wordt niet herkend of niet als zodanig gedocumenteerd. Of de maatregel staat niet in het zorgplan.

Het zijn stuk voor stuk zaken die de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd bij toezichtbezoeken controleert. Niet om organisaties te straffen, maar omdat zorgvuldige documentatie een voorwaarde is voor verantwoorde onvrijwillige zorg.

Van stappenplan naar werkproces

Het WZD-stappenplan is geen checklist die u af en toe invult. Het is een doorlopend proces dat verweven hoort te zijn met de dagelijkse zorgverlening. Wanneer begeleiders op de werkvloer signalen van verzet vastleggen in hun dagrapportages, wanneer de zorgverantwoordelijke het MDO structureel terugkoppelt op lopende trajecten en wanneer termijnen automatisch worden bewaakt, dan is het stappenplan geen extra last maar onderdeel van goede zorg.

Bekijk hoe Dossier360 het volledige WZD-traject ondersteunt op de pagina over WZD-compliance, of plan een demo om het in de praktijk te zien.

WZD Stappenplan

Benieuwd naar Dossier360?

Ontdek hoe ons digitale zorgdossier uw organisatie kan helpen.

Demo aanvragen